Besturen voorbij de organisatie

Waarom Toezichtsvisie 3.0 mij anders laat kijken

Marco van Alderwegen, december 2025

Er zijn momenten waarop een visiedocument meer doet dan richting geven. Het legt iets bloot wat al langer schuurt, maar zelden expliciet wordt gemaakt. Toezichtsvisie 3.0 van de Commissie ‘Toezicht in een veranderende samenleving’ van de NVTZ (2025), is voor mij zo’n document. Niet omdat het antwoorden geeft op alle vragen waar bestuurders vandaag voor staan, maar omdat het één fundamentele aanname ter discussie stelt: dat besturen in de kern gaat over de continuiteit van organisaties. Wie deze visie serieus leest, kan niet anders dan erkennen dat die aanname haar houdbaarheid verliest.

De organisatie is niet langer het vertrekpunt

Ik ben opgegroeid in een bestuurspraktijk waarin de organisatie het natuurlijke middelpunt vormde. Strategie, begroting, toezicht en verantwoording draaiden om continuïteit, kwaliteit en beheersing. Dat was logisch. Instellingen leverden diensten op het gebied van zorg en welzijn; zonder hen viel er weinig te organiseren. Maar Toezichtsvisie 3.0 zet een andere volgorde neer. Niet de organisatie, maar de mens in zijn levensloop staat centraal. Niet de sector, maar de maatschappelijke opgave. Gezondheid en welzijn ontstaan niet in instituties, maar vanuit de community-up gedachten juist in en samen met buurten, gezinnen, netwerken en gemeenschappen. De organisatie is daarin hooguit een middel. Die omkering raakt direct aan mijn rol als bestuurder. Want wie het maatschappelijk vraagstuk vooropzet, moet accepteren dat goed bestuur soms leidt tot minder zorgvraag, minder productie of een andere rol voor de eigen instelling. Groei wordt dan geen vanzelfsprekend succescriterium meer, maar een vraag die telkens opnieuw moreel moet worden beantwoord. De maatschappelijke relevantie wordt het criterium: bijdrage aan het geluk/welbevinden van mensen in gemeenschappen.

Besturen zonder de belofte dat het goed komt

Wat Toezichtsvisie 3.0 ook expliciet maakt, is dat schaarste geen tijdelijke verstoring is, maar een structurele realiteit. Personeelstekorten, financiële druk, toenemende zorgvraag en afnemende draagkracht vallen niet helemaal op te lossen met betere plannen of slimmere systemen alleen.

Dit is precies waar de beweging Van Zorg Naar Leven, waar ik mij samen met anderen al jaren voor inzet via De Samentafel, op aansluit. Deze beweging vertrekt niet vanuit systemen, maar vanuit het dagelijks leven van mensen. Niet de zorgvraag staat centraal, maar het leven dat geleefd wil worden. Zorg is daarin ondersteunend, niet leidend.

Toezichtsvisie 3.0 geeft aan deze beweging bestuurlijke en toezichthoudende legitimiteit. Zij erkent dat investeren in samenleven, preventie en gemeenschapskracht geen ‘zachte’ alternatieven zijn, maar noodzakelijke antwoorden op structurele schaarste.

Dat vraagt iets anders van bestuurders. Ik kan niet langer doen alsof elke spanning uiteindelijk te neutraliseren is. Besturen betekent steeds vaker: kiezen tussen onvolkomen opties. Wie krijgt wat, wanneer en waarom? Wat bouwen we af om elders ruimte te maken?
En wie betaalt daar de prijs voor?

Dat zijn geen technische vragen, maar ethische. Ze laten zich niet wegmanagen. De bestuurder wordt daarmee geen probleemoplosser, maar drager van dilemma’s. Naast de verantwoordelijkheid voor het aanreiken van scenario’s die inspelen op wat bij de mensen in communities leeft en waarin én waarbij zij betrokken zijn.

Van regie naar deelname

Een ander inzicht dat ik herken, is dat geen enkele organisatie nog de regie kan claimen over gezondheid en welzijn. Die ontstaan in ecosystemen: in het samenspel van zorg, welzijn, gemeenten, wonen, onderwijs en informele netwerken.

De Samentafel is voor mij een concreet voorbeeld van hoe dat eruit kan zien: een plek waar niet de organisatie, maar de gezamenlijke opgave centraal staat. Waar verschillende perspectieven naast elkaar bestaan en waar ruimte is voor betekenisvolle dialoog, juist zonder vooraf vastgelegde oplossingen.

Als bestuurder betekent dit dat ik mijn reflex tot sturen moet temperen. Samenwerking laat zich niet afdwingen. Zij vraagt vertrouwen, gelijkwaardigheid en het vermogen om invloed te accepteren zonder macht te bezitten. Ik ben geen regisseur die boven het geheel staat, maar een deelnemer van netwerken die verantwoordelijkheid neemt binnen het geheel.

Succes krijgt daarmee een andere betekenis. Niet: hebben wij onze doelen gehaald? Maar: is er maatschappelijk iets in beweging gekomen waaraan wij betekenisvol hebben bijgedragen?

De relatie met toezicht verandert mee

Toezichtsvisie 3.0 veronderstelt een andere relatie tussen bestuur en raad van toezicht. Minder gebaseerd op controle achteraf, meer op partnerschap in moreel beladen keuzes aan de voorkant.

Dat vraagt ook iets van mij. De neiging om onzekerheden eerst glad te strijken voordat ik ze bespreek met de raad, werkt hier contraproductief. Als toezicht daadwerkelijk maatschappelijk verantwoordelijk wil zijn, moet het vroegtijdig betrokken zijn bij dilemma’s die nog niet zijn opgelost.

De toekomst aan tafel

Wat mij misschien het meest aanspreekt, is het idee dat de toekomst een stem moet krijgen in bestuur en toezicht. Dat raakt direct aan Van Zorg Naar Leven: keuzes maken die vandaag misschien ongemakkelijk zijn, maar morgen ruimte scheppen voor een menswaardiger samenleving.

Als bestuurder vraagt dat om trage moed. De bereidheid om te investeren in samenhang, gemeenschappen en preventie, ook wanneer de opbrengsten niet direct zichtbaar zijn.

Een ander bestuurlijk ethos

Uiteindelijk lees ik Toezichtsvisie 3.0 als een uitnodiging tot een ander ethos. De bestuurder niet langer als hoeder van de organisatie, maar als maatschappelijk leider in een kwetsbaar systeem. Een leider die faciliteert, sensitief en open minded is.

Besturen richting 2030 en verder betekent voor mij daarom niet dat ik meer zeker moet weten, maar dat ik scherper moet weten waarvoor ik het doe. Én dat ik de dialoog nog meer centraal wil zetten; niet praten over maar praten met.

Slot – Een uitnodiging

Dit essay is geen pleidooi voor een nieuw model of een volgende bestuursmode. Het is een uitnodiging. Een uitnodiging aan bestuurders en toezichthouders om het ongemak niet langer te vermijden, maar te erkennen als wezenlijk onderdeel van ons vak. Om de organisatie niet langer als vertrekpunt te nemen, maar als instrument in dienst van het leven dat zich daarbuiten afspeelt. En om elkaar – bestuur, toezicht en samenleving – opnieuw op te zoeken in het gesprek over wat werkelijk van waarde is.

De beweging van Zorg naar Leven laat zien dat deze omslag niet begint met beleid, maar met anders kijken, luisteren en kiezen. Wie bereid is dat perspectief toe te laten, ontdekt dat besturen minder gaat over controle en meer over vertrouwen. Minder over zekerheid en meer over richting. Dat gesprek nodig ik graag uit om gezamenlijk te voeren.

Auteursnoot
De auteur is interim‑bestuurder en toezichthouder in zorg en welzijn. Hij is mede‑initiatiefnemer van De Samentafel (www.desamentafel.nl), voortduwer van de beweging Van Zorg Naar Leven, waarin gezondheid en welzijn worden benaderd vanuit het dagelijks leven van mensen, hun relaties en hun gemeenschappen. Vanuit die praktijk werkt hij aan bestuurlijke en toezichthoudende vernieuwing en transformatie van zorg en welzijn. Als bestuurslid van Stichting Sociale Benadering bouwt hij ook mee aan die noodzakelijke beweging. Dank aan Aad Koster en Charles Laurey voor het meelezen van de conceptversie van dit artikel.

Bekijk ook

Medezeggenschap in de zorg: vernieuwende inzichten tijdens bijeenkomst in Nijkerk

Op donderdagmiddag 30 maart 2023 vond er een bijeenkomst over medezeggenschap plaats in De Schakel in Nijkerk met een kleine...

Eindrapport “Naar passende toezichtarrangementen voor organisatienetwerken in het domein van het sociaal wonen”

Corporaties werken vaak samen in een web van maatschappelijke partners (van zorg tot gemeente) om bewoners vooruit te helpen. Patrick...

Commissarissen en toezichthouders bij woningcorporaties en in de sector zorg & welzijn in beeld

In 2021 zijn NVTZ en VTW gestart met een langjarig onderzoek. Hiermee wordt in beeld gebracht hoe het intern toezicht in de corporatiesector en in de sector en zorg & welzijn ervoor staat.